vereniging
Nederlandse Vereniging voor Klinische Arbeidsgeneeskunde

Nederlandse Vereniging voor Klinische Arbeidsgeneeskunde

Op Prinsjesdag 2007 is de Nederlandse Vereniging voor Klinische Arbeidsgeneeskunde, NVKA, opgericht. De oprichting is een reactie op ontwikkelingen van de klinische arbeidsgeneeskunde, waaronder de oprichting van klinische centra voor arbeidsrelevante zorg (PMA, EMcare, ACAG, NKAL, enz.) en een groeiende belangstelling onder medisch specialisten voor de factor arbeid. De NVKA wil de klinische arbeidsgeneeskunde stimuleren, zoals wetenschappelijke onderbouwing en bevorderen en bewaken van een adequate uitoefening.

In de visie van de NVKA behoort klinische arbeidsgeneeskunde tot de reguliere gezondheidszorg. Klinische arbeidsgeneeskunde heeft een toegevoegde waarde in de ketenzorg voor werkenden maar ook voor niet-werkenden die op enigerlei wijze werkzaamheden verrichten of willen gaan verrichten. De klinische arbeidsgeneeskunde maakt deel uit van de geïntegreerde gezondheidszorg en slaat een brug tussen arbozorg en klinische zorg.


U kunt u als lid opgeven via het aanmeldingsformulier.
Stacks Image 61

NVKA Bestuur

Bestuursleden:
Leo Elders, voorzitter
Roy Gerth van Wijk, penningmeester
Cobi Oostveen, bestuurlid en voorzitter Platform bedrijfsartsconculenten oncologie (BACO)
Teake Pal, bestuurlid wetenschap/beroepsziekten
Thomas Rustemeyer, bestuurlid wetenschap/beroepsziekten

Oud-bestuursleden:
David Bruinvels
Derk Bruynzeel
Gert van der Laan
Harma Stenveld
Voorzitter
Stacks Image 74
Leo Elders (1959) is bedrijfsarts-klinisch arbeidsgeneeskundige. In 2003 promoveerde hij op het proefschrift: “work related musculoskeletal disorders in scaffolders”. Van oktober 2004 tot april 2008 was hij lid van het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB) met portefeuille wetenschap. Sinds 2007 is hij voorzitter van de Aurorisatiecommissie Richtlijnen van de NVAB. Hij is vanaf 2009 verbonden als senior onderzoeker en klinisch arbeidsgeneeskundige aan de arbopoli CALHAR, Centrum voor Arbeidsgerelateerde Luchtweg-, Huid-, Allergologische aandoeningen, Erasmus MC Rotterdam. Hij is medeoprichter en bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Klinische arbeidsgeneeskunde.
Penningmeester
Stacks Image 80
Roy Gerth van Wijk (1953), internist-allergoloog is als hoogleraar Allergologie verbonden aan het Erasmus MC. Sinds 1997 is hij hoofd van de sector/voorheen afdeling Allergologie.

Van 1996 tot 2002 was hij voorzitter van de Ned Vereniging voor Allergologie. Van 2001 tot 2011 was hij lid van het bestuur van de EAACI (European Academy of Allergy and Clinical Immunology). Deze organisatie leidde hij als president van 2007-2009. Sinds december 2011 is hij lid van het bestuur van de WAO (World Allergy Organisation). Hij promoveerde in 1991 op het proefschrift "Nasal hyperreactivity". Occupational allergy is een van de speerpunten van de sector Allergologie. In dat kader hebben diverse promotie-onderzoeken plaatstgevonden. Tevens, is hij lid van diverse internationale consensusgroepen op dit terrein. Tot slot richtte hij de arbopoli CALHAR, Centrum voor Arbeidsgerelateerde Luchtweg-, Huid-, Allergologische aandoeningen, Erasmus MC Rotterdam op.

Dit is een samenwerkingsverband tussen Allergologie, Dermatologie, Longziekten en Klinische Arbeidsgeneeskunde.
Bestuurlid en voorzitter Platform bedrijfsartsconculenten oncologie (BACO)
Stacks Image 86
Cobi Oostveen volgde na haar studie geneeskunde in Groningen, de tropenopleiding. Zij werkte van 1991 tot en met 1997 als tropenarts in Tanzania. Terug in Nederland is ze gaan werken bij een arbodienst en volgde de opleiding tot bedrijfsarts aan de SGBO in Nijmegen.

Momenteel werkt ze bij een grote interne arbodienst als bedrijfsarts en trainer in het vitaliteitsprogramma. Daarnaast werkt zij enkele uren per week als zelfstandig bedrijfsarts.

In 2012/2013 heeft ze aan de NSPOH de opleiding tot bedrijfsartsconsulent oncologie (BACO) gevolgd.

Een BACO is een gespecialiseerde bedrijfsarts op het gebied van de oncologie, werkzaam op het snijvlak van de eerste en tweede lijn, naast de klinisch arbeidsgeneeskundige, die veelal alleen in de tweede lijn werkt. Een enkele BACO ontwikkelt zich daadwerkelijk tot klinisch arbeidsgeneeskundige. Als bedrijfsartsconsulent oncologie wil zij het aanspreekpunt zijn voor collegae, werkgevers, medewerkers en zorgverleners betreft het thema ‘kanker en werk’. De specifieke problematiek waarmee mensen met kanker te maken krijgen, vraagt een stukje extra expertise. Met de vormgeving van de functie van de BACO komt die expertise beschikbaar.

In het ideale plaatje is de BACO in de toekomst aanwezig op verschillende plekken als aanspreekpunt voor problematiek rondom het thema ‘kanker en werk’: binnen de multidisciplinaire teams van ziekenhuizen en revalidatieklinieken, binnen arbodiensten, als zelfstandig specialist of via IKA-NED. Zo ver is het nog lang niet. Zo is de financiering nog een probleem.

In 2013 hebben de BACO’s het ‘Platform bedrijfsartsconsulenten oncologie’ opgericht. Sinds medio 2014 ben zij voorzitter van dit Platform.

De BACO is een nieuwe groep binnen de NVKA. Graag wil ik deze groep vertegenwoordigen en me ook binnen de NVKA inzetten voor de ontwikkeling van de positie van de BACO.
Bestuurlid wetenschap/beroepsziekten
Stacks Image 92
Teake Pal is sedert 2000 bij het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) werkzaam als beroepsziekte specialist en klinisch arbeidsgeneeskundige. Hiervoor was gedurende vele jaren bedrijfsarts bij AKZO Emmen. Hij is gepromoveerd op een bedrijfsgeneeskundige studie over de problematiek van beroepslongaandoeningen bij AKZO Emmen. Zijn specifieke aandachtsgebieden zijn arbeidstoxicologie, beroepslongaandoeningen, relatie werkfactoren en hart-vaatziekten en gezondheidaspecten van werken in de ploegendienst. Hij is in het verleden voorzitter geweest van de Contact Groep Chemie en de Commissie Onderzoek Chemische Belasting (OCB) van het Min SZW en maakte deel uit van commissies van de Gezondheidsraad over immunotoxicologie, preventie van werkgerelateerde allergieën en over blootstellingsregistratie en gezondheidsbewaking bij het werken met nanodeeltjes. Hij is lid van de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen (GBBS) van de Gezondheidsraad, van de commissie Richtlijnontwikkeling en Wetenschap (CROW) van de NVAB en lid van het bestuur van de sectie Arbeidstoxicologie van de Ned. Ver Toxicologie (NVT).
Bestuurslid wetenschap/onderwijs
Stacks Image 98
Thomas Rustemeyer (1967) is hoogleraar dermato-allergologie en arbeidsdermatologie aan het VUmc in Amsterdam. Zijn opleiding tot dermatoloog begon hij aan de kliniek van Peter Frosch in Dortmund, Duitsland, waar zijn belangstelling voor arbeidsgebonden huidklachten gewekt werd. Met het voortzetten van zijn opleiding op de afdeling dermatologie van het VUmc verdiepte hij zijn kennis en interesse in op dit aandachtsgebied. Sinds zijn leermeester Derk Bruynzeel in 2008 met emeritaat ging volgde hij prof. Bruynzeel als hoofd van de unit dermato-allergologie & arbeidsdermatologie op. In de hierop volgende jaren kon de afdeling verder groeien en werd tot een van de grootste afdelingen in Europa. Hij is actief in diverse Europese en nationale wetenschappelijke verenigingen en werkgroepen. Hij is auteur van meer dan 100 publicaties en principal editor van het driedelige standaardwerk van beroepsgebonden huidklachten “Kanerva’s Occupational Skin Diseases”.
Oud-bestuursleden
Stacks Image 104
David Bruinvels (1962) is bedrijfsarts-klinisch arbeidsgeneeskundige gespecialiseerd in de oncologie. In 1995 promoveerde hij op het proefschrift: “Follow-up of patients with colorectal cancer”. Hij is vanaf 2009 verbonden als senior onderzoeker en klinisch arbeidsgeneeskundige aan de Polikliniek Mens en Arbeid en het Coronel Instituut voor Arbeid en gezondheid van het Academisch Medisch Centrum Amsterdam. Sinds 2010 is hij verder als klinisch arbeidsgeneeskundige verbonden aan de Polikliniek Werk en Borstkanker van het Nederlands Kanker Instituut – Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis Amsterdam. In 2011 heeft hij samen met de NSPOH de opleiding voor bedrijfsartsen tot bedrijfsartsconsulent oncologie ontwikkeld en geïnitieerd.
Stacks Image 108
Derk Bruynzeel (1943) is emeritus hoogleraar arbeidsdermatologie en was van 1985 tot 2008 hoofd van de unit dermato-allergologie & arbeidsdermatologie van het VUmc in Amsterdam. Samen met prof. P.J. Coenraads (UMCG, Groningen) was hij oprichter van NECOD, het Nederlands Kenniscentrum voor ArbeidsDermatologie. Hij promoveerde in 1983 op het proefschrift ”Angry Back or Excited Skin Syndrome”, een dermato-allergologisch onderwerp. Hij was actief in diverse europese werkgroepen en verenigingen. Sinds zijn pensionering, eind 2008, is hij actief als consulent op het gebied van werkgebonden huidaandoeningen en contacteczeem.
Stacks Image 112
Gert van der Laan (1947), klinisch arbeidsgeneeskundige/ consultant arbeid en gezondheid is verbonden aan het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (AMC, Amsterdam). Hij is hoofd van het landelijk Solvent Team-project voor de beoordeling en begeleiding van patiënten met Chronische Toxische Encephalopathie.

Zijn expertiseterreinen zijn: beroepsneurologische aandoeningen, kanker door werk en internationale beroepsziekteregelingen. Hij is voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Arbeidsgeneeskunde, is lid van verschillende Europese werkgroepen over beroepsziekten en onafhankelijk lid van de Commissie Arbeidsomstandigheden van de SER.

Stacks Image 117
Harma Stenveld (1963) is dermatoloog sinds 1993. Zij volgde haar opleiding tot dermatoloog aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. De vruchtbare bodem voor belangstelling voor de allergologie werd daar door Derk Bruynzeel gelegd. Van 1993 tot 2005 was zij als algemeen dermatoloog werkzaam in het St. Jansdal ziekenhuis in Harderwijk.

In 2005 kwam zij als arbeidsdermatoloog naar het Centrum Huid en Arbeid in Velp. In 2010 nam ze dit expertisecentrum, waaronder ook de Kapperspoli, over.

Kennis van het beroep én de huidaandoeningen die daaruit kunnen ontstaan, of daardoor beïnvloed kunnen worden, is haar specialiteit. Natuurlijk met uiteindelijk doel de werknemer in het eigen vak aan de slag te houden. Zij is lid van de Arbo-ExpertGroup Dermatologie.

Missie Visie Doelstellingen

NVKA Missie
Het bevorderen van de klinische arbeidsgeneeskunde in de ruimste zin van het woord. De vereniging streeft naar een wetenschappelijke onderbouwing van de klinische arbeidsgeneeskunde en naar het bevorderen en bewaken van een adequate uitoefening van de klinische arbeidsgeneeskunde.

NVKA Visie
De klinische arbeidsgeneeskunde behoort tot de reguliere gezondheidszorg. Klinische arbeidsgeneeskunde heeft een toegevoegde waarde in de ketenzorg voor werkenden maar ook voor niet-werkenden die op enigerlei wijze werkzaamheden verrichten of willen gaan verrichten. De klinische arbeidsgeneeskunde maakt deel uit van de geïntegreerde gezondheidszorg. Het slaat een brug tussen de arbozorg en klinische zorg en is in die zin een verbindend element in de gezondheidszorg waar het gaat om de relatie tussen arbeid en gezondheid. Het geeft invulling aan een zorgvraag van vooral werkenden die door geen enkel ander zorgaanbod wordt gedekt.


NVKA Doelstellingen
Bevorderen van diagnostiek en behandeling van arbeidsgerelateerde aandoeningen zowel op individueel als op populatieniveau.

Stimuleren van wetenschappelijk onderzoek, onderwijs, zorgvernieuwing en professionele ontwikkeling van de klinische arbeids-geneeskunde.

Vergroten van de betrokkenheid bij multidisciplinaire richtlijnontwikkeling en ontwikkelen van monodisciplinaire klinisch arbeidsgeneeskundige kennisproducten als mede het bevorderen van de toepassing daarvan.

Ontwikkelen van een eigen identiteit binnen de zorg.

Bevorderen van samenwerking met andere (beroeps)verenigingen in de zorg zowel nationaal als internationaal.
Stacks Image 149

Oprichting NVKA

Waarom een nieuwe vereniging?
Positieve ontwikkelingen ten aanzien van de klinische arbeidsgeneeskunde in Nederland, waaronder de oprichting van (top-) klinische centra voor arbeidsrelevante zorg (PMA, EMcare, NKAL, ACAG etc.) en een groeiende belangstelling onder met name medisch specialisten voor de factor arbeid.

Wat is klinische arbeidsgeneeskunde?
Klinische arbeidsgeneeskunde is het domein binnen de geneeskunde waarin structureel gebruik wordt gemaakt van specifieke arbeids- en bedrijfsgeneeskundige kennis in een reguliere klinische of transmurale setting voor patiënten, waarbij de factor arbeid relevant is voor diagnostiek, behandeling en/of prognose.

Wie kan lid worden van de NVKA?
Iedereen die beroepshalve affiniteit heeft met de klinische arbeidsgeneeskunde, zoals medisch specialisten, bedrijfsartsen en andere disciplines (arbeids- en organisatiepsychologen, arbeidshygienisten etc.) kan lid worden tegen een geringe jaarlijkse contributie.

Waar meld ik mij aan?
U kunt zich aanmelden met het aanmeldingsformulier lid.
Stacks Image 157

NVKA Akte van oprichting

Akte d.d. 18 september 2007
JV/2007.027804.01.01

Op achttien september tweeduizend zeven verschenen voor mij, mr. Johan Henry Verwoerd, notaris te Krimpen aan den IJssel:

de heer Leonardus Antonius Maria Elders;
de heer Gert van der Laan.


Algemeen
Er zijn in Nederland een aantal positieve ontwikkelingen ten aanzien van de klinische arbeidsgeneeskunde, waaronder de oprichting van (top-) klinische centra voor arbeidsrelevante zorg (PMA, EMcare, NKAL, ACAG etcetera) en een groeiende belangstelling onder medisch specialisten voor de factor arbeid. De klinische arbeidsgeneeskunde mag zich op dit moment verheugen in een groeiende belangstelling van bedrijfsartsen, huisartsen, medisch specialisten, verzekeraars, arbodiensten en werkgevers. Er is daarom op korte termijn behoefte aan een organisatie die de klinische arbeidsgeneeskunde, als vakgebied Nederland verder ontwikkelt. Dit sluit tevens goed aan bij internationale positionering en profilering van de klinische arbeidsgeneeskunde. De klinische arbeidsgeneeskunde behoort tot de reguliere gezondheidszorg. Klinische arbeidsgeneeskunde heeft een toegevoegde waarde in de ketenzorg voor werkenden maar ook voor niet-werkenden die op enigerlei wijze werkzaamheden verrichten of willen gaan verrichten. De klinische arbeidsgeneeskunde maakt deel uit van de geïntegreerde gezondheidszorg. Het slaat een brug tussen de arbozorg en klinische zorg en is in die zin een verbindend element in de gezondheidszorg waar het gaat om de relatie tussen arbeid en gezondheid. Het geeft invulling aan een zorgvraag van vooral werkenden die door geen enkel ander zorgaanbod wordt gedekt. De comparanten verklaarden bij dezen een vereniging tot stand te brengen, welke zal worden geregeerd door de volgende statuten.


Naam en Zetel.

Artikel 1.

De vereniging draagt de naam: Nederlandse Vereniging voor Klinische Arbeidsgeneeskunde. Zij is gevestigd te Rotterdam.


Doel.

Artikel 2.

De vereniging heeft ten doel: de bevordering van de klinische arbeidsgeneeskunde in de ruimste zin van het woord. De vereniging streeft naar een wetenschappelijke onderbouwing van de klinische arbeidsgeneeskunde en naar het bevorderen en bewaken van een adequate uitoefening van de klinische arbeidsgeneeskunde.

Onder het begrip klinische arbeidsgeneeskunde wordt verstaan: Klinische arbeidsgeneeskunde is het domein binnen de geneeskunde waarin structureel gebruikt wordt gemaakt van specifieke arbeids- en bedrijfsgeneeskundige kennis in een reguliere klinische of transmurale setting voor patiënten waarbij de factor arbeid relevant is voor diagnostiek, behandeling en/of prognose.

De vereniging tracht haar doel te bereiken, onder meer door:

Het bevorderen van de diagnostiek en behandeling van arbeidsgerelateerde aandoeningen zowel op individueel als op populatieniveau;
Het stimuleren van wetenschappelijk onderzoek, onderwijs, zorgvernieuwing en professionele ontwikkeling van de klinische arbeidsgeneeskunde;
et vergroten van de betrokkenheid bij multidisciplinaire richtlijnontwikkeling en het ontwikkelen van monodisciplinaire klinisch arbeidsgeneeskundige kennisproducten alsmede het bevorderen van de toepassing daarvan;
Het ontwikkelen van een eigen identiteit binnen de zorg;
Het bevorderen van samenwerking met andere (beroeps) verenigingen in de zorg zowel nationaal als internationaal.

Artikel 3.
De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Artikel 4.
Het verenigingsjaar loopt van één januari tot en met éénendertig december daaropvolgend.


Lidmaatschap.

Artikel 5.
Leden der vereniging kunnen uitsluitend zijn meerderjarige natuurlijke personen, die zijn toegelaten door het bestuur. Doelgroep voor het lidmaatschap zijn degenen die beroepshalve affiniteit hebben met de klinische arbeidsgeneeskunde, zoals medisch specialisten, bedrijfsartsen en andere disciplines zoals arbeids- en organisatiepsychologen, arbeidshygiënisten en dergelijke. De aan het lidmaatschap verbonden verplichtingen worden vastgesteld door dealgemene vergadering.

Artikel 6.
Het lidmaatschap eindigt:
  • door de dood van het lid;
  • door opzegging door het lid;
  • door opzegging namens de vereniging bij besluit van het bestuur. De opzegging kan geschieden wanneer een lid, na daartoe per aangetekend schrijven te zijn aangemaand, zijn geldelijke verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt; wanneer een lid niet meer voldoet aan de vereisten voor het lidmaatschap of wanneer van de vereniging redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;
  • door ontzetting ingevolge een besluit van de algemene vergadering. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
Opzegging kan slechts geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar en met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden. In ieder geval kan het lidmaatschap met onmiddellijke ingang worden beëindigd indien redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
Een besluit tot ontzetting wordt met opgaaf van redenen ten spoedigste aan de betrokkene schriftelijk medegedeeld.
Indien een lid de vereniging aantoonbaar schade berokkent kan het bestuur het betrokken lid uit het lidmaatschap schorsen. Gedurende de schorsing kan het lid geen gebruik maken van de aan het lidmaatschap verbonden rechten. Een dergelijke schorsing kan ten hoogste drie maanden duren. Het betrokken lid kan tegen een dergelijk besluit van het bestuur in beroep gaan bij de algemene vergadering.


Het bestuur.

Artikel 7.

De vereniging wordt, behoudens beperkingen volgens de statuten, bestuurd door een bestuur, waarvan het aantal leden door de algemene vergadering wordt vastgesteld met een minimum van twee. De bestuursleden worden door de algemene vergadering uit de leden gekozen. Bestuursleden kunnen te allen tijde door de algemene vergadering worden geschorst of ontslagen. Een schorsing kan niet langer dan drie maanden duren.
De bestuursleden hebben zitting voor een periode van vier jaar en zijn terstond herkiesbaar. Een tussentijds benoemd bestuurslid neemt de plaats in van hem die hij vervangt. Het bestuur zal een rooster van aftreden van zijn leden opstellen. De voorzitter wordt als zodanig door de algemene vergadering uit de bestuursleden benoemd. De overige bestuursleden verdelen onderling de functies van secretaris en penningmeester en eventueel hun plaatsvervangers.
Rechtsgeldige bestuursbesluiten komen tot stand bij gewone meerderheid van stemmen met dien verstande, dat te allen tijde minstens drie rechtsgeldige stemmen moeten worden uitgebracht. Stemming bij volmacht is uitsluitend toegestaan indien een schriftelijke volmacht wordt verstrekt aan een mede-bestuurslid.
Het bestuur blijft ook volledig bevoegd indien het niet voltallig is, tenzij het aantal bestuursleden is gedaald beneden drie, in welk geval het bestuur slechts bevoegd is tot het bijeenroepen van een algemene vergadering, teneinde in de vacature te voorzien.


Vertegenwoordiging.

Artikel 8.
De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door twee gezamenlijk handelende leden van het bestuur. Zij kunnen een bestuurder van de vereniging volmacht geven de vereniging te vertegenwoordigen binnen de grenzen in de volmacht aan te geven.
Het bestuur is na vooraf verleende toestemming door de algemene vergadering bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten:
  • betreffende het kopen, bezwaren, vervreemden, huren en verhuren van registergoederen;
  • waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk mede-schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.
Het bestuur behoeft de vooraf verleende toestemming van de algemene vergadering tot het verrichten van rechtshandelingen - anders dan de sub a en b bedoelde - waardoor de vereniging verbonden wordt voor een bedrag van drieduizend euro (€ 3.000,00) of meer; door splitsing van handelingen kan aan deze bepaling geen afbreuk worden gedaan.


Geldmiddelen.

Artikel 9.
De geldmiddelen der vereniging worden verkregen uit:
  • de contributies der leden;
  • andere baten.


Algemene vergaderingen.

Artikel 10.

Ieder jaar belegt het bestuur minstens één algemene vergadering, te weten de jaarvergadering. De jaarvergadering wordt ieder jaar gehouden binnen zes maanden na het einde van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering. Op deze vergadering brengt het bestuur zijn jaarverslag uit en legt, onder overlegging van de nodige bescheiden, rekening en verantwoording af over haar in het afgelopen boekjaar gevoerde bestuur.
De algemene vergadering benoemt een commissie van tenminste twee leden die geen deel uit mogen maken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
Voorts belegt het bestuur algemene vergaderingen zo vaak het dit goeddunkt. Indien tenminste één/tiende deel van de stemgerechtigde leden het bestuur hierom schriftelijk verzoekt is het bestuur verplicht een algemene vergadering bijeen te roepen op een termijn van niet langer dan vier weken. Het verzoek hiertoe moet met redenen omkleed zijn en de gewenste agendapunten vermelden. Blijft het bestuur in gebreke binnen veertien dagen de hiervoor bedoelde vergadering bijeen te roepen, dan hebben de aanvragers het recht zelf de vergadering uit te schrijven. Zij benoemen voor die vergadering een voorzitter. In dat geval is het bestuur verplicht de naam- en adreslijst van de leden ter beschikking van de aanvragers te stellen.
De bijeenroeping vindt plaats door middel van een schriftelijke convocatie gericht aan alle leden op een termijn van tenminste veertien dagen, de dag van de convocatie en die van de vergadering niet meegerekend. Over onderwerpen welke niet in de convocatie zijn vermeld kan geen rechtsgeldig besluit worden genomen tenzij met algemene stemmen in een vergadering waarin alle leden tegenwoordig of vertegenwoordigd zijn. De convocatie vermeldt de plaats, de datum en het aanvangstijdstip van de vergadering.


Stemrecht.

Artikel 11.

Ieder lid heeft in de algemene vergadering een stem.
Door de algemene vergadering worden besluiten genomen bij gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin tenminste één/derde van de leden aanwezig is, een en ander voorzover in de statuten niet anders is bepaald. Stemming bij volmacht is niet toegestaan.
Over personen wordt schriftelijk, over zaken wordt mondeling gestemd.
Ongeldige en blanco stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen, tenzij het een stemming over personen betreft, in welk geval herstemming plaatsvindt tussen degenen die bij de eerste stemming de meeste stemmen op zich verenigden. Indien de stemmen opnieuw staken beslist het lot.


Huishoudelijk Reglement.

Artikel 12.
Al hetgeen betrekking heeft op de organisatie en de inrichting van de vereniging wordt, voorzover de statuten zulks niet doen, geregeld bij Huishoudelijk Reglement of bij andere reglementen en bepalingen. De inhoud van deze reglementen en bepalingen, welke wordt vastgesteld door de algemene vergadering, mag niet in strijd zijn met de statuten of met de wet, ook niet waar deze regelend recht bevat.


Financiële verplichtingen van de leden.

Artikel 13.
De algemene vergadering stelt op de jaarvergaderingen de contributie voor de leden vast voor het komende jaar.


Statutenwijziging en ontbinding der vereniging.

Artikel 14.
Tot statutenwijziging kan alleen worden besloten bij besluit van de algemene vergadering met een meerderheid van twee/derde der uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin tenminste twee/derde van de leden aanwezig is. Is het vereiste aantal leden niet aanwezig, dan wordt niet eerder dan een week en niet later dan een maand na die vergadering een tweede vergadering gehouden waar, ongeacht het aantal aanwezige leden, met een meerderheid van twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen een dergelijk besluit kan worden genomen.
Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van het voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Hiervan moet in de convocatie melding worden gemaakt.
Amendementen op voorstellen tot wijziging van de statuten moeten voor aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend. Niet tijdig of niet schriftelijk ingediende amendementen behoeven niet ter vergadering te worden behandeld.
Wijzigingen in de statuten treden niet eerder in werking dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Ieder bestuurslid is bevoegd al hetgeen is vereist ter uitvoering van het besluit tot statutenwijziging te verrichten.
Het bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van de Kamer van Koophandel en Fabrieken, binnen welk gebied de vereniging haar zetel heeft.


Artikel 15.
Tot ontbinding van de vereniging kan alleen worden besloten bij besluit van een speciaal daartoe bijeengeroepen algemene vergadering met een meerderheid van twee/derde der geldig uitgebrachte stemmen in een algemene vergadering, waarin tenminste twee/derde van de leden aanwezig is. Is het vereiste aantal aanwezige leden niet aanwezig, dan wordt niet eerder dan een maand na die vergadering een tweede vergadering gehouden, waarin, ongeacht het aantal aanwezige leden, met een meerderheid van twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen een dergelijk besluit kan worden genomen.


Vereffening.

Artikel 16.
De vereffening van het vermogen van de vereniging geschiedt door het bestuur, tenzij de algemene vergadering andere vereffenaars aanwijst.

De algemene vergadering bepaalt welke bestemming aan een eventueel positief liquidatie-saldo wordt gegeven.

De comparanten verklaarden dat voor de eerste keer tot bestuurders zijn benoemd:
  • de heer Gert van der Laan voornoemd, tot voorzitter;
  • de heer Leonardus Antonius Maria Elders, tot secretaris/penningmeester.
De comparanten zijn mij, notaris bekend.

Voor het verlijden van deze akte is door mij aan de comparanten mededeling gedaan van de zakelijke inhoud van de akte en heb ik daarop een toelichting gegeven.

De comparanten verklaren van de inhoud van de akte te hebben kennisgenomen, daarmee in te stemmen en op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen. Deze akte is verleden te Krimpen aan den IJssel op de datum in het hoofd van deze akte vermeld.

Onmiddellijk na beperkte voorlezing is de akte ondertekend door de comparanten en mij notaris.